Sportinstuif: sport als onderdeel van de instuifwerking

Een jeugdhuis hoeft geen plek te zijn waar alleen aan sport wordt gedaan. Het jeugdhuis blijft in de eerste plaats een plek waar jongeren elkaar kunnen ontmoeten, experimenteren, samen activiteiten organiseren … Maar het is ook een plek waar kan geëxperimenteerd worden, waar grenzen worden verlegd en nieuwe mogelijkheden worden ontdekt. Sport kan daarom wel een wezenlijk onderdeel vormen van je werking en zelfs van de ontmoetingsfunctie of instuif.

Sportinstuif vs. Sportactiviteit

Om een goed beeld te hebben van wat bedoeld wordt met sport als onderdeel van de ontmoetingsfunctie is het nodig om een onderscheid te maken tussen twee begrippen.

Sportinstuif

Een vereniging brengt kinderen, tieners en/of jongeren bij elkaar om samen te sporten tijdens op voorhand gecommuniceerde uren. De bezoekers zijn vrij om te komen en gaan. Er is geen sprake van verplichte deelname of inschrijving(sgeld). Ontmoeting is een belangrijke functie van een sportinstuifwerking, die kan plaatsvinden in de eigen ruimte, de openbare ruimte (bijvoorbeeld een pleintje in de buurt) of in een daarvoor voorziene sportinfrastructuur (bijvoorbeeld een gemeentelijke of stedelijke sporthal).

De sportinstuif wil in de eerste plaats kinderen, tieners en/of jongeren bij elkaar brengen. Sport wordt hier gebruikt als middel om jongeren te verenigen. Dat sluit naadloos aan bij de basis van jeugdhuiswerk, namelijk jongeren die in hun vrije tijd samenkomen en zich organiseren rond thema’s – zoals sport – die hun eigenheid weerspiegelen. Sportinstuif is een kans om een meer divers publiek te bereiken. Vanuit de vrijblijvende instuif kunnen eventueel plannen gemaakt worden om activiteiten op poten te zetten (al dan niet rond sport).

Sportactiviteit

Een sportactiviteit is een activiteit die wordt vormgegeven vanuit een sportinsteek. Net zoals bij een uitstap of bij een vormingsmoment wordt er hier wel vooraf ingeschreven. Er wordt verwacht dat je van het begin tot het einde blijft en een zeker engagement aangaat. Het kan gaan om een eenmalige activiteit, bijvoorbeeld een basketbalwedstrijd of voetbaltornooi, of een structureel terugkerende activiteit (bijvoorbeeld een wekelijkse training met de volleybalploeg of een wekelijkse floorbalcompetitie waaraan ook andere (jeugdhuis)ploegen deelnemen.

Een ondersteunend beleidskader voor sport in het jeugdhuis

Lokale overheden spelen een belangrijke rol in dit verhaal. Zij kunnen sport in jeugdhuizen faciliteren door een stimulerend subsidiebeleid te voeren. Door dit subsidiebeleid kunnen jeugdhuizen een sportwerking uitbouwen dat erkend wordt als wezenlijk onderdeel van hun totale werking.

Stad Antwerpen als pionier

Antwerpen wil jeugdhuizen aanmoedigen om hun activiteitenaanbod, maar vooral hun instuif, open te trekken, onder andere door sport te integreren. Om dat te ondersteunen zal het subsidiereglement (licht) worden gewijzigd. Op zich zal er aan de definitie van instuif niets veranderen. Instuifwerking blijft haar open karakter behouden, met op voorhand gecommuniceerde tijdstippen en locaties en zonder verplichte deelname. Er werd wel aan toegevoegd dat die instuif ook op een andere locatie dan in en rond het jeugdhuis mag plaatsvinden (mits minstens vijftig procent op de eigen locatie blijft). Hierbij wordt niet alleen sportinstuif gefaciliteerd, waarbij bijvoorbeeld instuif op een volleybalplein in de buurt is mogelijk wordt, maar ook andere sector overschrijdende instuif, bijvoorbeeld van culturele aard.

Deze wijziging van het subsidiereglement zal zeer belangrijk blijken voor die jeugdhuizen bij wie sport en instuif met elkaar verweven zijn. Bij de Antwerpse jeugdhuizen Lab-Noord en Villa Caloes betekent dat dat de sportinstuif ook meegeteld wordt en deze werkingen dus meer subsidies zullen ontvangen. Naast het financiële voordeel, is het vooral belangrijk dat deze jeugdhuizen erkend worden voor hun inspanningen. Op die manier worden jeugdhuizen die via sportinstuif hun jeugdwerking uitbouwen versterkt. Die positieve identiteitsontwikkeling komt zowel de jeugdhuizen, als de jongeren en uiteindelijk dus ook de stad, ten goede. Bovendien zorgt het ervoor dat jeugdhuizen waar er wel potentieel is, maar die nu (nog) niet inzetten op een sportwerking, aangemoedigd worden om toch meer in te zetten op sport.

(Sport)infrastructuur

Jeugdhuizen kunnen de drempel verlagen om aan sport te doen en te bewegen. Bovendien bieden ze een alternatief voor de competitieve sportclubs. Om de jeugdhuizen te stimuleren om dit aanbod ook kwalitatief uit te werken, is het niet alleen belangrijk hen daarvoor te erkennen, maar ook om hen de nodige ondersteuning te bieden op het vlak van infrastructuur. Deze ondersteuning kan zich op verschillende vlakken begeven.

Openbare ruimte

Op pleintjes en in parken kunnen jeugdhuizen terecht voor hun recreatief sportaanbod. Kleine aanpassingen kunnen vaak al volstaan om aan de noden van het jeugdhuis in de buurt te voldoen. Zo is het vaak genoeg om een basketbalring op te hangen, een minivoetbalkooi te plaatsen, of simpelweg het veld in de buurt te onderhouden.

Sportinfrastructuur

Het is voor jeugdhuizen niet evident om sportactiviteiten lang op voorhand vast te leggen. Vaak zijn sporthallen of andere sportruimtes reeds lang op voorhand volgeboekt. Gemeenten en steden kunnen jeugdhuizen meer kans geven om in een professionele omgeving te sporten door te werken met een voorrangsregeling of een kortingstarief voor jeugdhuizen. Op die manier hebben de sporters in de winter of bij regenweer ook wat bescherming. Heb je dus zin om van de infrastructuur bij jou in de buurt gebruik te maken? Klop eens aan de deur van jouw gemeentebestuur.

Eigen ruimte

Slechts een beperkt aantal jeugdhuizen heeft zelf een sportveldje of iets van sportinfrastructuur. Jeugdhuizen hebben wel bijna allemaal een ruime ontmoetingsruimte. Aangezien de jeugd steeds diverser wordt, is het aan de jeugdhuizen om daarop in te spelen. Dat kan je doen door je ontmoetingsruimte polyvalenter in te richten. Zo blijft je jeugdhuis ook in de toekomst relevant voor een ruime groep jongeren.