Interview Nieuw Gent: op stap in de wijk rond het jeugdhuis

Afgelopen lente opende jeugdhuis Nieuw Gent haar deuren. Het jeugdhuis – gelegen in de gelijknamige Gentse sociale woonwijk – kwam er op vraag van vier jongeren uit de buurt; Azeddine, Brahim, Oussama en Ayoub. “Oorspronkelijk gingen we onze plan trekken met een container in het park”, vertelt Stef Moens van Formaat, die zich engageerde om samen met de jongeren een jeugdhuis op te richten. “Maar toen een gebouw in de Agaatstraat vrijkwam, kregen we de vraag van Stad Gent of wij het met Formaat konden betrekken.”

In maart startte Stef als coördinator van het jeugdhuis, waar hij samenwerkt met jeugdwerkers Keltoum, Brahim en stagiair Azeddine. De tijd is gevlogen sindsdien. “Ik voel me hier als een vis in het water. Ik heb nog nooit zo’n fijne job gehad. Het is zot, maar zoiets kruipt echt onder je huid.”

Wanneer we aankomen in Nieuw Gent neemt Stef ons meteen mee naar het pleintje waar een voetbaltoernooi doorgaat. “De meeste tieners zijn daar”, vertelt hij. “Alleen degenen die niet willen voetballen blijven in het jeugdhuis. Die spelen FIFA.”

FormaatMagazine_0004_INTERVIEW_NIEUW_GENT_0b

Onderweg naar het voetbalterrein passeren we de appartementsblokken die hun stempel drukken op de buurt. De zes woontorens werden veertig jaar geleden opgetrokken maar zijn inmiddels vervallen. De wijk kan niet rekenen op de beste reputatie. Het is niet uitzonderlijk dat de media bericht over criminaliteit in en rond de blokken.

“Veel mensen die kampen met een psychisch probleem krijgen hier een sociale woning toegewezen”, vertelt Stef. “Je hebt hier veel problematieken.” De torens worden binnenkort gesloopt om plaats te maken voor nieuwe gebouwen. “Nu de torens afgebroken worden staan er veel appartementen leeg. Er wonen veel krakers. Er wordt veel gedeald. Een van de problemen is de grote toevloed aan legale medicijnen die makkelijk te verkrijgen zijn in combinatie met alcohol.”

“Er gaat veel druk komen op deze buurt”, legt Stef ons uit. “Een van de blokken is al volledig onbewoonbaar verklaard. Het zijn schrijnende situaties, daarbinnen in die appartementen. Ze hebben een van de blokken in een nieuw jasje gestoken. Lang de buitenkant ziet het er mooi uit maar langs de binnenkant is het nog net hetzelfde. WoninGent, het sociaal verhuurbedrijf van de Stad Gent riskeert zelf een boete van 120.000 euro voor het verhuren van deze ongeschikte woningen.”

“Daarbij is deze buurt als een trechter. De wijk is ingesloten. Als je hier niet woont kom je hier niet.” Het maakt er een afgesloten maar tegelijkertijd ook heel sociale buurt van. Dat is de grote sterkte van Nieuw Gent. De jongeren zijn betrokken en ze kennen elkaar.

FormaatMagazine_0005_INTERVIEW_NIEUW_GENT_0

Van de troosteloosheid waarover we lezen in kranten merken we zelf niets als we door de Zuid-Gentse buurt wandelen. Op het voetbalveldje is het druk. Maandelijks organiseert het jeugdhuis samen met KAA Gent Foundation – je kan de Ghelamco Arena zien vanuit het jeugdhuis – een voetbaltoernooi voor de jongeren in de buurt.

Als we Stef vragen of ze veel jongeren bereiken met de sportactiviteiten knikt hij: “Ja, en met eten hé! Als er eten is, is het hek van de dam. Dan staat iedereen er. We doen van alles. Vorige week zijn we gaan muurklimmen. We waren met zeven terwijl we eigenlijk op het dubbele hadden gehoopt. Maar ze vonden het wijs, dus volgende keer zijn we met meer. Het is een zoektocht naar welke activiteiten het best werken. Maar eigenlijk, gewoon in jeugdhuis Nieuw Gent zijn, dat doen ze het liefst. Daar samen zichzelf kunnen zijn. Dat geldt trouwens voor alle jongeren in Gent.”

FormaatMagazine_0000_INTERVIEW_NIEUW_GENT_3c

Aan de andere kant van het speelveld zien we Azeddine, die stage doet in het jeugdhuis. “Ik ken niemand die zo’n opoffering maakt voor het jeugdhuis”, vertelt Stef zonder twijfel. “Hij staat er altijd. Dat moet hij niet voor het geld doen. Dat is bijna niets. Maar de impact op zijn leven is groot.”

Azeddine wijst naar een van de blokken als we hem tegemoet lopen. “Ik ben daar geboren. Inmiddels woon ik een beetje verder.” Hij herkent zichzelf in de jongeren waar hij nu zelf mee werkt. Het is een zeer bewuste keuze om het jeugdhuis zo veel mogelijk aan de buurt te geven, ook diegene die er werken kennen de buurt door en door. Dat is een gigantisch voordeel”, vult Stef aan.

Op welke manier heeft het jeugdhuis invloed op het leven van de jeugd hier?

Azeddine: “Je zal dat zelf ook wel voelen, niet? Het is iets van hun dagelijks leven. Ze hebben een vaste plek om naartoe te gaan. Ze spreken op school al af om op woensdagnamiddag naar het jeugdhuis te gaan. Geloof me, het heeft een positieve impact op de wijk. Nu het winter is, en je niet altijd buiten kan spelen, is het ook fijn voor hen om een plek te hebben. We hebben twee PlayStations en twee FIFA’s. We hebben alles.”

Stef: “Voila, het is gezegd. We hebben twee PlayStations. Klaar: jeugdwerk!” (lacht)

Azeddine: “Het is mijn tweede thuis geworden. ’s Middags kom ik hangen met de jongeren op het plein. Daarna ga ik met hen naar het jeugdhuis. Ik help hen onder andere in de muziekstudio. Ik ben zelf ook sinds ik jong ben met hip hop bezig. Ik wou er altijd iets mee bereiken maar dat is nooit gelukt. Nu ben ik blij dat ik die jonge gasten kan helpen.”

Stef: “Azeddine spendeert heel zijn zondagen vrijwillig bij de gasten die in het jeugdhuis aan het opnemen zijn. Soms tot frustratie toe. Sommigen doen er een uur over om één line op te nemen. Niet iedereen is even goed.”

FormaatMagazine_0001_INTERVIEW_NIEUW_GENT_3b

Azeddine: “Ik richt mij echt op de jonge gasten. Op de jongens die anders geen plek zouden hebben om zoiets te doen. We hebben een chique studio hoor. Mijn Instagram staat vol berichten. De rappers die hier komen maken reclame natuurlijk. Iedereen wil komen opnemen. Iedereen wil een rapper zijn. Ik wil vooral met jongeren werken die geen ervaring hebben, of niet weten waar ze naartoe moeten gaan.”

Stef: “De muziekstudio bougeert echt. Het is een heel laagdrempelig vertrekpunt voor jongeren in Nieuw Gent. Toen we begonnen dacht ik; ‘doe maar’. Maar ik schrok toen ik voor het eerst muziek hoorde. Het klinkt echt goed! We gaan een labeltje oprichten en een compilatie uitbrengen met de nummers die hier gemaakt worden.”

Hoe kiezen jullie voor bepaalde projecten of activiteiten?

Stef: “We laten de jongeren vooral zelf met ideeën komen. Afhankelijk van hoe hard een jongere iets meent en zich wil engageren kijken wij hoe we hen tegemoet kunnen komen. We proberen ook ideeën van jongeren te verbinden en hen gericht vorming aan te bieden. Onlangs zocht Abdoullay, een jongen uit het jeugdhuis, een locatie voor zijn interviewproject. Daar helpen we hem nu mee. Abdoullay helpt ons dan weer door mee een minidocumentaire maken over Nieuw Gent. Een tegenhanger voor het ‘Labels’-filmpje dat de VRT maakte. Het grote voordeel van Nieuw Gent is dat het hier vol loopt met zeer talentvolle gasten wiens talenten vaak niet worden erkend. Ze de ruimte en het vertrouwen geven om hun ding te doen, is vaak al voldoende. Veel jongeren hier krijgen niet dezelfde kansen als anderen, daar moeten we niet flauw over doen, dat is gewoon zo.”

FormaatMagazine_0003_INTERVIEW_NIEUW_GENT_1B

Het ‘Labels’-filmpje schepte niet meteen een romantisch beeld van deze wijk.

Azeddine: “Er werd enkel gefocust op slechte dingen. Het was super negatief. Echt waar. Ik ben hier geboren. Niemand kan spreken als de wijk zoals ik. Er zijn hier meer positieve dan negatieve dingen. Hoe we samen zitten, hoe we samen naar elkaar opkijken, hoe we bij elkaars thuis en bij elkaars ouders op bezoek gaan, hoe er organisaties zijn zoals het jeugdhuis… Overal worden we warm ontvangen.”

Is het moeilijk om tegen die vooroordelen te vechten?

Azeddine: “Als je overal hoort dat het hier gevaarlijk is, dan kijk je door die bril naar deze plek. Als je er nog nooit over hebt gehoord, dan is er niets aan de hand en kan je hier gewoon rondwandelen zoals overal. Het ergste dat er kan gebeuren is dat iemand je een sigaretje vraagt.”

Wat zijn uitdagingen?

Azeddine: “Sommige tieners worstelen met hun identiteit. De ene gaat tijdens de zomervakantie een maand naar Marokko of Tunesië, de andere zit twee maanden in Algerije of Somalië. Daar hebben ze ook familie en vrienden waar ze naar opkijken. Als ze hier weer samenkomen bij de start van het schooljaar zie je dat het niet altijd gemakkelijk voor hen is. Je ziet dat ze te kampen hebben met vragen als: ‘wie ben ik?’.”

FormaatMagazine_0002_INTERVIEW_NIEUW_GENT_2

Stef: “Wonen en werk zijn de grootste uitdagingen. Al de rest komt eigenlijk daaruit voort. Wij trachten ons te laten omringen door organisaties die daar expertise in hebben. We organiseren infoavonden en verwijzen jongeren door naar onze partners zoals de huurdersbond. Geld is vanzelfsprekend een issue. Als iemand iets niet kan betalen is dat zo. Zo gaat dat hier. Maar langs de andere kant: tijdens de tienerwerking afgelopen zomer kwamen enkele jongeren langs die wel wat geld hadden. Zij bestelden pizza’s en meteen ook voor de tieners zonder geld. Daar legden ze voor samen. Als jeugdhuis hebben we daar geen halve euro bijgelegd. Iedereen zorgt hier voor elkaar.”

“Als iemand door problemen niet meer naar het jeugdhuis komt zullen de jongeren dat bespreken. En daar laten ze het niet bij. Ze zullen hem bellen en opzoeken tot hij terug is. Toen Brahim vlak voor de opening uitviel met een klaplong stonden Azeddine, Keltoum en ik met de handen in het haar. ‘Shit’, dachten we. Maar iedereen uit de buurt stond hier te helpen. Brahim heeft toen iedereen vanuit zijn ziekbed aangestuurd. Zijn bed was een soort van logistiek centrum. Het was niet moeilijk om zijn kamer te vinden in het ziekenhuis. Heel het jeugdhuis stond daar constant voor de deur.” (lacht)

Hoe werken jullie met vrijwilligers in het jeugdhuis?


Azeddine: “Iedereen werkt mee. Als er opgeruimd moet worden, zullen ze dat zelf doen. Op die manier zullen ze eigenaarschap voelen en krijgen.”

Stef: “Door niemand de rol van ‘vrijwilliger’ te geven, is iedereen vrijwilliger. Als we een barbecue organiseren ruimt iedereen gezamenlijk op. Soms is het beter om er geen stempel op te plakken en het gewoon echt samen te doen. Ik ben als de dood voor zo’n hiërarchisch systeem.”

Azeddine kaapt uit het niets het gesprek, ‘Stef, voor ik het vergeet…’, en vertelt over een jongen uit de buurt die een gratis workshop wil komen geven als sportcoach.

FormaatMagazine_0008_INTERVIEW_NIEUW_GENT_4

Krijgt de agenda van het jeugdhuis altijd zo vlot vorm?

Stef: “Ja. Veel activiteiten komen op ons af. Onlangs kwam Farooq, een goeie beatboxer uit de buurt, voorstellen om een workshop te geven. Toen ik begon over eventuele onkosten botste dat op niets. ‘Nee, ik ben van Nieuw Gent, ik kom dat gewoon doen’, zei hij.”

Azeddine: “In september hebben we een workshop tegen pesten gegeven, op de eerste woensdag van het schooljaar. Dat was echt zot. De jongeren luisterden en stelden vragen. Ze pakken dat mee in hun rugzak. Dat is tof.”

Waar zijn jullie momenteel mee bezig?

Stef: “Ik probeer steeds mijn job te legitimeren. Ik lig er soms wakker van. Waar zijn bijvoorbeeld de jongeren die we nog niet bereiken? Wie zijn dat? Maar goed, we zijn net zes maanden bezig, er is nog groeimarge.”

Azeddine: “Brahim en ik zijn van de wijk. We zijn altijd in de buurt. Ons werk gaat 24 op 7 door. Dat zou een nadeel kunnen zijn maar ik heb er geen last van. Het grote voordeel is dat we de jongeren niet meer moesten leren kennen toen we het jeugdhuis openden. We begrijpen ze en krijgen het vertrouwen. Die stap hebben we voor.”

Stef: “De mensen die hier werken worden betaald, maar ze komen hier niet hun uren slijten. Zij zijn écht bezig met die gasten. Ze willen iets veranderen. Wij hebben er specifiek voor gekozen om mensen uit de buurt aan te werven. Buiten de openingsuren heeft niemand vaste werkuren. Ik ben veel blijer als ik ’s nachts een Whatsapp krijg van Keltoum met een cool idee, of dat ze in de wijk aan de slag is, dan dat ze hier van negen tot vijf achter een computer zit uit te plannen wat er eventueel kan gebeuren. Ze wordt ook gebeld op elk mogelijk moment. Als iemand in de wijk niet weet waarnaartoe, belt die naar iemand van het jeugdhuis. Als je ziet en voelt wat er buiten die uren ook gebeurt, waarom zou ik dan controleren of iemand zijn 30 uur gewerkt heeft per week? I don’t care.”

FormaatMagazine_0006_INTERVIEW_NIEUW_GENT_8MUZIEK

“Onlangs werd er een jongetje in de buurt gepest. Hij werd in zijn blootje in een bos gezet door andere jongens. Die mama van dat jongetje ging met de andere ouders praten, die op hun buurt ontkenden dat hun zoon zoiets zou doen. De mama van het gepeste jongetje wist niet waar ze terechtkon. Moest ze naar de politie? Uiteindelijk is ze naar het jeugdhuis gekomen om met Brahim en Azeddine te babbelen.”

Azeddine: “Dat doet mij veel. Ik ben zelf ook niet altijd de braafste jongen geweest maar nu krijg ik het vertrouwen van de ouders. Dat is veel waard voor mij. Ik moet op deze jongens letten en neem dat serieus. Je wil niet dat er iemand met een blauw oog naar huis gaat.”

Stef: “De ouders komen af en toe ook koken in het jeugdhuis. Dat is wijs.”

Azeddine: “We moeten ze allemaal eens uitnodigen, als we één jaar open zijn.”

Hoe is het contact met de ouders?

Azeddine: “Ik ken de ouders persoonlijk, via mijn moeder of via de moskee.”

Stef: “De moskee is ook een belangrijke plek voor ons. We hebben het over outreachend werk. Op vrijdag naar de moskee gaan is een vast deel van veel mensen hun leven hier. Ik ben daar niet, maar Keltoum, Brahim en Azeddine bijvoorbeeld wel. Als jeugdwerker komen zij ook daar met ouders in contact. Dat kan gevoelig liggen voor sommigen. Maar het speelt een grote rol in deze wijk. Hetzelfde met het vergaderlokaal in ons jeugdhuis waar ook een gebedsmat ligt. Die wordt amper gebruikt, maar het is wel een symbool voor de jongeren. Voor hen was dat belangrijk. We erkennen gewoon hun geloof en rituelen.”

Azeddine: “En het is niet dat die ruimte enkel voor moslims is. Sommige mensen denken dat. Het is een ruimte voor rust. Het is een gebedslokaal voor iedereen.”

Stef: “Jongeren die het moeilijk hebben, of iets hebben uitgestoken, hebben soms extra nood aan zo’n plek. Die groep willen we uiteraard niet uitsluiten. Integendeel, die wil je dichter bij je houden.”

FormaatMagazine_0007_INTERVIEW_NIEUW_GENT_6_STUDIO

Hoe bereiken jullie de jongeren?

Stef: “We hebben één keer flyers geprint voor de meisjeswerking, met nog een drukfout op ook. Dat was de enige keer. We communiceren vrij weinig naar de wereld buiten Nieuw Gent. Aan onze deur hangen twee affiches met onze activiteiten, en we zetten het op Instagram. Dat is het.”

Azeddine: “Al die gasten volgens ons op Instagram. Daarmee communiceren we.”

Waar heb je inspiratie gehaald, toen je hier begon?

Stef: “Eerlijk? Ik wist absoluut van niets. Ik kon enkel de gasten hier vertrouwen, en omgekeerd. Brahim zei me: ‘als we dit jeugdhuis opstarten, wordt het het beste van Gent.’ Jaja, sure, dacht ik.”

Inmiddels is het ook jouw tweede thuis, niet?

Stef: “Zonder meer. Ik had nooit gedacht dat dit huis en deze buurt zo snel zo diep onder mijn huid zouden kruipen. Ik ben hier een zeer gelukkige mens. We zijn een heel sterk team. De uitdaging is nog meer open te zijn én Azeddine een vast contract kunnen geven, zodat we verder kunnen.”

>>> www.instagram.com/jeugdhuisnieuwgent

TEKST: Adriaan de Roover
FOTO’S: Agathe Danon

Lees het volledige Formaat Magazine december (2019) - januari- februari 2020 hier