Preventiemodel

Preventieve maatregelen zijn altijd de eerste stap. En diefstalpreventie is maar zo sterk als de zwakste schakel. Pak dus eerst de zwakke punten aan.

Om te weten te komen hoe je inbraak in je jeugdhuis kan voorkomen, verplaats je jezelf in de huid van een inbreker. Stel jezelf de volgende vragen. Wat maakt van jouw jeugdhuis een ideale plek om in te breken? Hoe zou je zelf inbreken? Is er een aantrekkelijke buit? Maak deze oefening op een vergadering met de kern.

Maak een lijst van de ‘troeven voor de inbreker’. Financieel: geld in de kassa, kluis … Materieel: computers, muziekinstallatie, cd-collectie, drank, … Een overzicht in deze ‘troeven’ helpt je om je jeugdhuis beter te beveiligen.

Aan de slag

Voor inbraakpreventie wordt er veel gebruik van het OFEM-model. Het model geeft een overzicht van welke soort maatregelen je tegen diefstal en inbraak kan nemen, en zet ze meteen in volgorde van belangrijkheid.

Organisatorische maatregelen

Organisatorische maatregelen zijn kleine dingen die je kunt doen om inbraak en diefstal te voorkomen. Het gaat om het maken van goede afspraken in alledaagse gewoontes.

Er zijn veel mogelijkheden, je moet je alleen afvragen hoever je wil gaan. Het is immers niet de bedoeling dat het afsluiten van het jeugdhuis plots een uur in beslag moet nemen omdat je een waslijst aan zaken moet overlopen.

Het is van groot belang dat je goed communiceert over de afspraken die er zijn. Je medewerkers moeten op de hoogte zijn wat ze moeten doen. Vooral diegenen die het jeugdhuis openen en afsluiten. Denk er ook aan dat je afspraken doorgeeft aan nieuwe medewerkers.

Fysisch-bouwkundige maatregelen

Fysisch-bouwkundige maatregelen zijn alle maatregelen die het gebouw zelf versterken en beveiligen.

Maak het inbrekers zo moeilijk mogelijk om je lokaal binnen te komen. Tijd is de belangrijkste factor die een invloed heeft op een inbraak. Een inbreker heeft altijd haast. Alle maatregelen die tijd kosten, schrikken de inbreker af omdat dit het risico vergroot om op heterdaad betrapt te worden.

Elektronische maatregelen

Inbraakpreventie wordt heel vaak geassocieerd met alarminstallaties. Het is belangrijk om te beseffen dat alarminstallaties niets doen tegen inbraakpogingen. Een alarm werkt enkel als de dief al binnen is.

Het nemen van elektronische maatregelen (camera, alarm, …) zie je best als een ‘extraatje’. Weet dat ze niet helpen zonder de organisatorische of fysisch-bouwkundige maatregelen.

Camera’s, schriklichten of een alarmdoos aan de gevel kunnen wel ontmoedigend werken. Dummy’s zijn daarom zeker een optie, maar enkel als ze er echt uitzien natuurlijk.

Meldingsmaatregelen

Contacteer de politie wanneer er een inbraak of inbraakpoging in het jeugdhuis geweest is. Maar ook wanneer het gaat om diefstal tijdens openingsmomenten. Als er bijvoorbeeld geld uit de kassa verdwijnt.

Een aangifte bespaart je penningmeester een hoop zorgen. In de boekhouding kan hij geen geld gewoon doen verdwijnen. Met een aangifte (een proces verbaal opgemaakt door de politie waarbij je de diefstal aangeeft) kan hij dit wel netjes inbrengen.

Het publiek maken van inbraken en inbraakpogingen is ook belangrijk om herhaling te voorkomen. Staat er een artikel in de krant en gaat het nieuws rond in de buurt, dan houden buurtbewoners automatisch mee een oogje in het zeil. Sociale controle wordt hier de bondgenoot van het jeugdhuis.